maandag 12 september 2016

Reisverslag Noord-Amerika 2016: dag 14

Zaterdag 23 juli 2016: Zion --> Las Vegas

Na alle nationale parken en prachtige rotsgebieden krijgen we vandaag iets heel anders te zien: we gaan naar de stad Las Vegas! In totaal is het een rit van bijna 160 mijl, ongeveer tweeënhalf uur rijden.

Hoewel we geen haast hebben om naar Las Vegas te vertrekken, zijn we toch automatisch om half zeven wakker. Rond zeven uur beginnen we aan ons ochtendritueel, waarbij we nog een flinke hartverzakking krijgen als er ineens een hagedisje achter de prullenbak vandaan schiet.

Tegen half negen gaan we de auto inladen. Vervolgens checken we uit en kijken we even naar de prijzen van de ontbijtkaart van het restaurant van het hotel. Deze vallen mee, dus kiezen we ervoor om gewoon in het hotel te ontbijten. Het eten is op zich prima, maar de rekening valt flink tegen. Er blijkt namelijk al een fooi van ruim vijftien procent bijgerekend te zijn. Als we de kortingsbon van tien procent laten zien, die we bij het inchecken gekregen hebben, wordt de prijs van het eten aangepast, maar de fooi blijft precies hetzelfde. Deze passen we dus zelf maar aan, want zo geweldig was de service absoluut niet!

We verlaten het restaurant en beginnen aan de rit naar de gokhoofdstad van Amerika. Het eerste stuk rijden we nog door de bergen, maar als we eenmaal in de staat Nevada rijden, verdwijnen de rotsen en maken ze plaats voor een dor en droog landschap.

Welkom in de staat Nevada!

Als we in de buurt van Las Vegas komen, zien we al in de verte de Stratosphere Tower: de hoge toren met achtbaan en attracties erboven op. Ook zien we een aantal bekende, hoge hotels, zoals de MGM Grand. Ondertussen wordt het op de weg steeds drukker en wanneer we Las Vegas zelf echt inrijden, is de chaos compleet.

De Stratosphere Tower vanuit de verte

Gelukkig hoeven we niet lang in de chaos te rijden: we overnachten in Circus Circus, een hotel dat aan het einde van de Strip (de bekendste straat van Las Vegas) ligt. Vrij gemakkelijk weten we het hotel te bereiken, maar hoe dan verder? We vinden een parkeerplekje op de vierde verdieping in Garage 1 (in totaal zijn er drie parkeergarages). De koffers laten we nog maar even in de auto, want we weten niet of we al op de kamer kunnen.

De ingang van het hotel

Vanaf de auto lopen we naar de lift, want de receptie blijkt op verdieping één te zitten. Beneden komen duurt even, aangezien één van de liften kapot is. Als we eindelijk beneden zijn, moeten we nog een stukje lopen voor we in de chaos staan die hotellobby heet. We sluiten aan in de rij, maar dankzij de vele receptionisten gaat het redelijk snel. De kamers blijken ook al klaar te zijn, alleen is er een probleem: we mogen ze niet in voordat we de Resort Fees betaald hebben (dit zijn kosten die je betaalt voor het mogen gebruiken van het zwembad, de WiFi, etc.). Op onze hotelvouchers staat echter dat deze al vooraf betaald zijn. Na een lange discussie betalen we toch, vragen we de bonnetjes en nemen we ons voor dit in Nederland met het reisbureau te regelen.
(Notitie achteraf: dit is inderdaad keurig geregeld!)

Met een informatieboekje van het hotel en de kamersleutels op zak lopen we terug naar de parkeergarage, want onze auto moet ergens anders geparkeerd worden. Helaas doen nu beide liften het niet meer. Om onnodig geloop te voorkomen, gaat de helft van ons reisgezelschap naar de auto en blijft de andere helft bij de uitgang wachten. Ik hoor bij de helft die buiten wacht. Hier ben ik echt heel blij mee, want de zon schijnt volop en het is maar zo’n 45 graden… Ik voel mijn schoenen gewoon smelten op de stoep, zo warm is!

Uiteindelijk is de auto er dan toch. We stappen snel in, banen ons een weg door de chaos en weten de overkant van de straat te bereiken. Circus Circus bestaat namelijk uit een hoofdgedeelte met de receptie, casino’s, attracties en restaurants en uit een Manor: losse gebouwen met kamers. In totaal heeft het hotel zo’n 3800 kamers. Wij overnachten in Manor A, de eerste van de vijf losse gebouwen. Om de gezelligheid van de incheck compleet te maken, hebben we één kamer op de begane grond van het gebouw gekregen en eentje op de tweede verdieping…

We besluiten geen probleem van de kamers te maken, ook omdat we allemaal wat oververhit beginnen te raken. We brengen de spullen naar de kamers, halen ijs om de drankjes koel te houden (er is namelijk geen koelkast op de kamer) en komen even bij van de chaos die Las Vegas is.

Als we wat bijgekomen zijn, gaan we ons hotel verkennen. Typisch aan Las Vegas zijn namelijk de themahotels: elk hotel aan de Strip heeft een eigen thema. Bij Circus Circus is dit uiteraard een circusthema. Dit is vooral terug te zien aan de middenverdieping op de casinovloer, waar een aantal keer per dag een circusoptreden wordt gegeven. Deze middenverdieping bereiken is nog wel een klus, aangezien het hotel echt gigantisch groot is. Er zijn casino’s, restaurants, winkels en er is zelfs een compleet pretpark met achtbanen, draaimolens en spelletjes.

Omdat we inmiddels wel wat trek hebben, gaan we op zoek naar een broodje om te eten. Een van ons heeft eerder in Circus Circus gelogeerd en hij weet ons handig door het hotel te leiden. Onderweg komen we overal gokautomaten en speeltafels tegen, want daar staat Las Vegas natuurlijk bekend om.

Nadat we iets gegeten hebben, lopen we de Strip op. Dit is eigenlijk Las Vegas Boulevard, waaraan alle bekende hotels van Las Vegas liggen. Ze lijken heel dichtbij elkaar te liggen, maar in totaal is de Strip bijna zeven kilometer lang. Hier komen we goed achter als we naar The Venetian willen lopen, een hotel gebaseerd op de Italiaanse stad Venetië. De afstand is eigenlijk nog niet eens het grootste probleem, maar meer de enorme hitte – Las Vegas ligt immers midden in de woestijn. Voor we The Venetian bereiken, zijn we diverse winkeltjes in geweest, alleen maar om af te koelen.

Eenmaal aangekomen bij The Venetian vergeten we de hitte. Het hotel is echt prachtig, compleet met varende gondels en de bekende toren van het San Marco plein.

The Venetian - net alsof je in Venetië bent!

Ook binnen is het hotel schitterend om te zien. Het plafond is helemaal versierd bij de ingang en op de bovenverdieping is de buitenlucht nagemaakt. Zo is het net alsof je in Venetië op straat loopt.

Binnen en toch buiten...

Om het gevoel van Venetië helemaal compleet te maken, varen er zelfs gondels in het hotel – compleet met een mandolier die ‘O sole mio’ zingt.

Wie vaart er mee?

Als we The Venetian uitgebreid bewonderd hebben, gaan we met de bus terug naar Circus Circus. We hebben geluk: we mogen gratis meerijden. Terug bij het hotel lopen we nog door Adventure Dome, het pretpark van Circus Circus. Hierbij zien we alle achtbanen, draaimolens, spelletjes en andere activiteiten. Het wordt pas echt bizar als je bedenkt dat dit allemaal in een hotel gebouwd is!

Adventure Dome

Van Adventure Dome lopen we terug naar onze kamer, waar we snel onze zwemkleding aantrekken om een heerlijk verfrissende duik in één van de zwembaden te nemen. Rond half zeven gaan we weer naar de kamer, waar we ons omkleden en klaarmaken voor een avond in Las Vegas. Las Vegas is namelijk ’s avonds op z’n mooist: dan zijn alle lichtjes van de hotels te zien.

De hotelingang verlicht

We eten eerst even iets in het hotel en kopen dan buskaartjes: voor acht dollar per persoon mag je vierentwintig uur onbeperkt gebruik maken van de bus. Deze bus rijdt langs alle hotels op de Strip. Wij rijden mee tot hotel New York New York, een hotel met als thema de Amerikaanse stad New York. Zo is bijvoorbeeld de Brooklyn Bridge nagebouwd en kun je er het Vrijheidsbeeld zien. Ook leuk: het hotel heeft een eigen achtbaan… en daar gaan wij in!

De nagebouwde Brooklyn Bridge

Een wilde rit later staan we weer voor het hotel. In een rustig tempo beginnen we aan de wandeling terug naar Circus Circus, onderweg diverse keren stoppend voor foto’s.

De Strip met diverse verlichte hotels

De langste stop doen we bij het Bellagio hotel, één van de chiquere hotels langs de Strip. Dit hotel heeft als speciale attractie de fonteinenshow, die ’s avonds elk kwartier opgevoerd wordt. In totaal zijn er maar liefst dertig verschillende shows.

De fonteinenshow bij de Bellagio

Na het bekijken van de prachtige fonteinenshow lopen we nog even het hotel zelf in. Het is een heel luxueus en chic hotel, waardoor we ons in onze korte broek en shirts wat slordig voelen. We gaan snel door naar Caesar’s Palace, een hotel met een Romeins thema dat dit jaar vijftig jaar bestaat.

Bij Caesar's Palace is zelfs het Colosseum nagebouwd

Het volgende hotel waar we stoppen, is The Mirage: een hotel waar Siegfried & Roy vroeger optraden, de goochelaars die met witte tijgers werkten. Zij zijn nog steeds aan het hotel verbonden, maar treden niet meer op. De grootste attractie van het hotel is nu de nagemaakte vulkaanuitbarsting. Helaas zijn we vandaag te laat voor de show, maar we onthouden de tijden voor morgen.

Met behulp van verkeerslichten weten we de straat over te steken naar The Venetian. Hier wachten we op de bus terug naar Circus Circus. De eerste bus die aankomt, zit echter al helemaal vol. Gelukkig laat de tweede bus niet lang op zich wachten. Met veel stops onderweg rijden we terug naar ons hotel. Daar halen we nog een flesje koud drinken voor we uitgeput neerploffen op onze bedden. Het is half één ’s nachts, maar we hebben wel een geweldige avond gehad. En het mooiste? Morgen hebben we nog een dag om deze knotsgekke stad te verkennen!


Tot morgen!

Lees verder: Dag 15 (Las Vegas)



vrijdag 9 september 2016

Reisverslag Noord-Amerika 2016: dag 13

Vrijdag 22 juli 2016: Bryce Canyon --> Zion

Na al negen officiële nationale parken bezocht te hebben, staat vandaag nummer 10 op het programma: Zion National Park. De rit is slechts zo’n 90 mijl en de reistijd een kleine twee uur.

Zoals gewoonlijk staan we vroeg op en beginnen we de dag met douchen. Dit is meteen een moment van opletten, want de doucheknop blijkt gespiegeld te zijn: als je de knop op ‘koud’ zet, krijg je gloeiend heet water en bij ‘warm’ komt er koud water uit de kraan…

Als we na wat gepuzzel toch hebben kunnen douchen, kleden we ons aan en lopen we naar de winkel van Ruby’s Inn om ontbijt te kopen. Dit blijkt ook even puzzelen, want $4,95 voor een brood vinden we toch echt te duur!

Uiteindelijk weten we wat betaalbare broodjes te vinden, die we bij de picknickbankjes van het hotel opeten. Dan laden we de auto in en gaan we op weg naar Zion National Park! Eerst moeten we Bryce Canyon nog uit, waarbij we langs het beroemde ‘zout- en pepervaatje’ rijden.

Het 'zout- en pepervaatje'

Ook rijden we onder een boog door die in een rots is ontstaan en waar nu een weg doorheen loopt.

Even bukken!

Via de 89 snelweg rijden we richting Zion. Onderweg zien we heel veel groen, houten gebouwen en af en toe een riviertje. Bij de ingang van Zion wordt het landschap weer roder: Zion National Park staat namelijk bekend om zijn rode wegen. Deze zien we voor het eerst bij het beroemde ‘schaakbord’: een rots waar door de wind lijnen op zijn getekend. Hierdoor lijkt deze berg, genaamd Checkerboard Mesa, op een schaakbord.

Checkerboard Mesa met de rode weg ervoor

We rijden over de Zion-Mount Carmel Highway richting het Visitor Center. Onderweg moeten we door een tunnel en over een weg met heel veel bochten (en met heel veel bedoel ik ook heel veel!). Dan staan we in het dal en kunnen we op zoek naar een parkeerplaats voor de auto.

Via het Visitor Center lopen we naar het opstappunt van de bussen, want ook hier rijdt een gratis shuttlebus door het park. Wij stappen uit bij de Court of the Patriarchs – drie grote bergrotsen die vernoemd zijn naar bekende Amerikanen. Zo wordt de linkerberg Abraham Peak genoemd, vernoemd naar oud-president Abraham Lincoln.

Court of the Patriarchs met links Abraham Peak

Vanaf de Court of the Patriarchs nemen we de bus naar de Weeping Rock. Hier komen we eerst bij een riviertje, waar je lekker kunt pootje baden. In verband met de warmte laten we een deel van ons reisgezelschap hier achter en lopen we met z’n tweeën door naar de Weeping Rock – de huilende rots.

Het meertje waar een deel van ons gezelschap wacht

De wandeling naar de Weeping Rock is niet heel ver, maar gaat wel bergop en natuurlijk telt de hitte mee. Een park ranger aan het begin van het pad controleert dan ook of je wel voldoende water bij je hebt. Dit hebben we uiteraard, dus kunnen we doorlopen en de huilende rots zien. Deze naam komt van het water dat van bovenaf langs de rots omlaag druppelt. Boven de rots is namelijk een bijna afgesloten kloof met stenen die het water dat erin valt niet absorberen. Dit water gaat vervolgens omlaag langs Weeping Rock.

Weeping Rock - de huilende rots

Het is heel bijzonder om het water langs de rots omlaag te zien druppelen. Dankzij het water is het hier ook heerlijk koel, een verademing op zo’n warme dag als vandaag!

Een heel bijzonder gezicht!

Na heel wat foto’s lopen we rustig terug naar beneden. Natuurlijk zoeken wij ook nog even verkoeling in het beekje voor we verder gaan.

Het bewijs: met de voeten in het water!

We spreken af met de rest van ons reisgezelschap dat we straks naar Zion Lodge zullen komen voor de lunch. Eerst willen we graag de Temple of Sinawava nog zien, het laatste punt van de busroute door Zion. Vlak voor de ‘tempel’ zien we nog twee ruziënde eekhoorns, die zich niks aantrekken van het publiek om hen heen.

'Als ik nu achterlangs cirkel, dan kan ik misschien een verrassingsaanval doen...'

De Temple of Sinawava is vernoemd naar een god van de Paiute Indianen, die vroeger in het gebied woonden. Een grote bergtop moet de tempel voorstellen.

De Temple of Sinawava

Vlakbij de ‘tempel’ loopt de rivier, waar met dit warme weer verschillende toeristen een duik in nemen. Het lijkt ons ook heel verleidelijk, maar we weten dat er op ons gewacht wordt en daarom houden we alleen even onze handen in het heerlijk koele water.

Een duik hierin zou heerlijk zijn...

Met de bus gaan we terug naar Zion Lodge, waar we (in de drukte) iets eten. Dan nemen we de bus helemaal terug naar de parkeerplaats en rijden we vanaf daar naar ons hotel. Dit blijkt vlakbij te zijn: Majestic View Lodge kijkt zelfs nog uit op de bergen van Zion.

Het uitzicht bij het hotel

Omdat de temperatuur nog steeds erg hoog is, brengen we snel de koffers naar de kamer en nemen we vervolgens een duik in het zwembad. Terwijl we zwemmen, horen we diverse sirenes en zien we brandweerauto’s voorbij rijden, maar we kunnen er niet achter komen wat er aan de hand is.

We drogen na het zwemmen lekker even op in de zon voor we gaan douchen. Dan lopen we naar de receptie om te vragen of er een pinautomaat is in het hotel. Dit blijkt niet het geval te zijn, maar in het dorpje tussen Zion National Park en het hotel is een bank. Hoe we daar komen? Heel simpel: we nemen de gratis shuttlebus!

Met weer contant geld op zak lopen we nog even naar de supermarkt om wat boodschappen te halen. Dan pakken we de bus terug naar het hotel, omdat we eigenlijk daar willen eten (dat is het makkelijkst). Als we de prijzen echter zien, keren we snel weer om, want die zijn echt belachelijk hoog!

In verband met de bustijden rijden we met de auto naar het dorpje. Na even gezocht te hebben en tien minuten in de rij te hebben gestaan, krijgen we een tafel toegewezen in restaurant Willie’s. Mij valt meteen de poster van de Country Bear Jamboree op, een attractie in Disney World.

De poster van de Country Bear Jamboree

Het eten in het restaurant smaakt prima, het water daarentegen niet – het is net alsof ze het zo uit het zwembad gehaald hebben. Gelukkig zijn de andere drankjes wel prima.

Na het eten rijden we terug naar het hotel, waar we lekker nog even op het balkon buiten zitten en genieten van een prachtige zonsondergang. Ook waarderen we de rust nog even, want die zal morgen afgelopen zijn: dan gaan we naar Las Vegas!

Nog één avondje rust en genieten van de natuur...


Tot morgen!

Lees verder: Dag 14 (Zion --> Las Vegas)



woensdag 7 september 2016

Reisverslag Noord-Amerika 2016: dag 12

Donderdag 21 juli 2016: Capitol Reef --> Bryce Canyon

Net als de afgelopen dagen staat er vandaag ook weer een nationaal park op het programma: Bryce Canyon, één van de bekendere parken van de Verenigde Staten. De rit ernaar toe is ruim honderd mijl, een kleine twee uur rijden.

Hoewel het dus niet ver rijden is, willen we graag de tijd hebben om Bryce Canyon te bekijken. Daarom staan we vroeg op en na een ontbijt in het hotel-restaurant zeggen we de paarden van het hotel gedag en gaan we op weg!

Onze eerste stop is al heel snel, want zonder benzine is Bryce Canyon natuurlijk heel lastig te bereiken. Met volle tank rijden we verder over een bergweg langs kleine dorpjes met wat aparte namen, zoals Koosharem. Onderweg zien we veel groen en slechts weinig rotsen.

In het plaatsje Circleville stoppen we bij een echt Amerikaans café voor een kopje koffie. Volgens Amerikaanse begrippen betekent dit dus dat het kopje ongeveer genoeg is voor de hele week… De lunch kan voorlopig even wachten!

Rond kwart over twaalf vervolgen we onze weg richting Bryce Canyon. Langzaam wordt het landschap weer wat roder en rotsachtiger. We komen terecht in Dixie Forest, een beschermd ‘bos’, en we rijden nog een stukje door Red Canyon voor we bij Bryce Canyon zelf zijn. Het nationale park wordt vooraf gegaan door een dorp met enkele hotels. Wij overnachten in één ervan, Bryce View Lodge.

We parkeren onze auto bij de receptie, verzamelen de incheckpapieren en lopen het receptiegebouw in. Wanneer we vertellen dat we een reservering hebben, wordt ons kortaf toegesnauwd dat de kamers nog niet klaar zijn en dat we na drie uur maar terug moeten komen.

Een beetje verbaasd verlaten we het receptiegebouw. Klantvriendelijk is absoluut anders! We zetten ons snel over onze verbazing heen en zoeken een plekje aan één van de picknicktafels bij het hotel om even een broodje te eten. Daarna gaan we lopend richting de ingang van het park.

Het handige aan Bryce Canyon is dat er gratis shuttlebussen door het park rijden. Vlak voor de ingang is het eerste opstappunt. Op de plattegrond van het park (gratis te verkrijgen bij het opstappunt van de bus en natuurlijk bij het Visitor Center in het park) staat duidelijk aangegeven waar de stops zijn. Deze zijn allemaal bij het Amfitheater, het bekendste gedeelte van Bryce Canyon.

Het Amfitheater van Bryce Canyon

Het Amfitheater is een rondachtig gedeelte van Bryce Canyon dat vol staat met heel aparte rotsen. Elk jaar veranderen de rotsen weer een beetje door wind, regen en sneeuw. Deze kleine veranderingen zijn nauwelijks te zien: pas na jaren en jaren worden ze zichtbaar.

Elk jaar veranderen de rotsen een klein beetje

Nadat we even gestopt zijn bij het Visitor Center gaan we met de bus naar Inspiration Point. Hier zijn de bijzondere rotsen van Bryce Canyon voor het eerst goed te zien. Het is weer een heel ander gezicht dan de canyons die we de afgelopen dagen bezocht hebben. Niet alleen zijn de vormen en kleuren prachtig, ook valt ons op dat er tussen de rotsen meer groen te zien is dan in de andere parken.

Inspiration Point: rotsen en ook veel groen

We maken verschillende foto’s van de hoodoos, zoals de rotsen genoemd worden. Ze beginnen als een dunne rotsmuur, waar door bijvoorbeeld vorst gaten in ontstaan. Als het bovenste gedeelte van zo’n gat instort (door regen), blijven de opvallende rotsen over.

Hoodoos: een soort geribbelde rotsen

Vanaf Inspiration Point nemen we de bus naar Sunset Point. Onderweg naar dit uitkijkpunt zien we ineens weer een kleine chipmunk in het bos lopen.

Knabbel of Babbel?

Tussen de vele Japanners met selfiesticks door (er is net een bus aangekomen bij het uitkijkpunt) lopen we naar Sunset Point. Ook hier maken we weer veel foto’s, want het blijft allemaal even indrukwekkend en prachtig.

Sunset Point

Het leuke aan Sunset Point is dat je een stuk naar beneden kan lopen, tussen de rotsen door. Hier kun je bijvoorbeeld goed de gaten zien die nog hoodoos moeten worden.

Deze gaten zullen ooit hoodoos worden

Verder is het natuurlijk gewoon heel bijzonder om zo tussen al die mooie rotsen door te kunnen lopen. Je krijgt een beetje het idee dat je ook onderdeel van Bryce Canyon wordt!

Tussen de rotsen in Bryce Canyon

Het liefst zouden we nog verder doorgelopen zijn naar beneden, maar we moeten ook nog terug naar boven en niet het hele reisgezelschap is mee naar beneden gelopen. Daarom keren we om, wurmen we ons tussen de Japanners door en komen we weer veilig boven.

Ook de terugweg blijft prachtig

Ons idee is om nu lopend door te gaan naar Sunrise Point. Omdat we in de verte onweer horen, besluiten we echter om langs de kant foto’s te maken en dan terug te gaan naar de bus. Tijdens de rit terug naar het opstappunt zien we nog een aantal elks tussen de bomen (een soort herten).

Vanaf het opstappunt van de bus lopen we richting ons hotel. Eerst komen we nog door Bryce Canyon Village, een schattig dorpje dat helemaal gericht is op toeristen. Zo is er een winkel waar souvenirs verkocht worden, een ijswinkel (die zeer goede zaken doet met dit warme weer) en er is een gevangeniscel nagebouwd.

Mag ik niet meer mee?

Aan de overkant van de weg bevindt zich Ruby’s Inn, het bekendste hotel van Bryce Canyon. Er is ook een winkel bij waar je souvenirs en etenswaren kunt kopen en er is een restaurant. We kijken alvast even op de kaart of er voor vanavond iets interessants bij zit, want de tijd gaat alweer richting zes uur.

We steken de weg weer over naar de overkant en lopen rustig naar het receptiegebouw. Daar staat nu een lange rij van mensen die allemaal moeten inchecken. Uiteraard hebben we het geluk dat er voor ons een stel met problemen is, waardoor het allemaal nog langer duurt… Uiteindelijk krijgen we dan toch onze kamers toegewezen en kunnen we even bijkomen van de dag.

Na een halfuurtje gezeten te hebben, gaan we terug naar het restaurant van Ruby’s Inn voor het avondeten. We kiezen voor het soep- en saladebuffet, waar we zeer ruime keuze in salades hebben en kunnen genieten van heerlijke groentesoep. Met een zeer volle maag keren we terug naar ons hotel, waar we lekker nog even buiten zitten en ons inlezen op morgen. Ook dan zullen we weer een nationaal park bezoeken, namelijk Zion.


Tot morgen!

Lees verder: Dag 13 (Bryce Canyon --> Zion)



maandag 5 september 2016

Reisverslag Noord-Amerika 2016: dag 11

Woensdag 20 juli 2016: Moab --> Capitol Reef

Na het bezoek aan het indrukwekkende Canyonlands gisteren belooft vandaag ook weer bijzonder te worden: we zullen eerst Arches National Park bezoeken en daarna doorrijden naar Capitol Reef National Park, waar we vlakbij zullen overnachten.

Omdat het vandaag weer een drukke dag zal zijn, staan we natuurlijk ook weer vroeg op. We douchen, kleden ons aan en pakken vast de meeste spullen in voor we naar de supermarkt aan de overkant van de weg lopen. Hier kopen we wat broodjes als ontbijt, die we in de hotelkamer opeten. Daarna laden we de auto in, checken we uit en gaan we op weg.

De eerste stop, Arches National Park, is niet ver van het hotel af: een kleine tien minuten rijden. Voor de ingang staat echter een filetje, omdat er maar één toegangspoortje is. Na ruim een kwartier mogen wij ons pasje laten zien en kunnen we eindelijk het park in. Dan zijn we er nog niet, want de echte bezienswaardigheden beginnen pas na een weg vol met bochten die ook nog eens bergop gaat…

Als we eindelijk boven zijn, kunnen we prachtig over het park uitkijken. We zien in de verte de Petrified Dunes (de Versteende Duinen) en de Great Wall, een grote, lange rots die net een grote muur is. Ook zien we de eerste ‘arch’ waar het park zijn naam door gekregen heeft: rotsen die zo door de natuur bewerkt zijn dat ze bogen zijn geworden.

In de verte één van de bogen van het park

De eerste stop doen we echter pas bij de Balanced Rock: een groter rotsblok dat lijkt te balanceren op een andere rots.

Links de bijzondere Balanced Rock

We kunnen er helemaal omheen lopen, waardoor we goed zicht hebben op deze bijzondere rots. Het is ergens ook een beetje mysterieus: zit de grotere rots nog helemaal vast op de rots eronder? En hoe kan het dat de natuur precies de rand eronder wegslijt en de rest van de rots niet?

Blijft het allemaal liggen?

Vanaf de Balanced Rock rijden we door naar de Windows Section, één van de drukste punten van het park. Hier zijn namelijk een aantal bogen bij elkaar: de bekende Double Arch (de dubbele boog), de North Window en de South Window (het noordelijke raam en het zuidelijke raam) en de Turret Arch. Als eerste lopen we naar de Double Arch. Deze boog is anders gevormd dan de overige bogen in het park, die vooral veel te maken hebben gehad met water en wind die van de zijkant kwamen. De Double Arch is echter ontstaan doordat er veel water van bovenaf op is gevallen, wat de steen in het midden uitgesleten heeft.

De Double Arch

Over een zandpaadje lopen we van de Double Arch terug naar de parkeerplaats. We steken over en lopen het trappad op naar de North Window. Hier hebben wind en regen een gat in de rots gemaakt, waardoor er een soort raam ontstaan is.

North Window

Naast de North Window is nog een tweede ‘raam’, de South Window. Tegenover de ramen liggen de Turret Arch, een smalle, vrij hoge boog. In verband met de tijd lopen we er niet naartoe, maar maken we foto’s vanaf de North Window.

Turret Arch

We gaan snel terug naar de auto en maken nog een stop bij de Delicate Arch, de beroemdste boog van het park. Het is echter ook een boog die erg ver weg ligt. Er zijn twee uitkijkpunten, maar wil je de boog van dichterbij zien, dan moet je nog een aantal kilometer lopen.

Links de Delicate Arch (sterk ingezoomd)

Inmiddels is het al ver na lunchtijd. We rijden zo snel mogelijk terug naar de ingang van het park, waar we nog even stoppen bij het Visitor Center. Hier maken we vlug wat broodjes klaar en dan is het op naar Capitol Reef: een rit van zo’n 140 mijl, ruim twee uur.

Gelukkig kunnen we goed doorrijden. Onderweg genieten we van het landschap dat wisselt tussen rotsen en wat meer prairievelden. Ook zien we een camping genaamd Sleepy Hollow, waar de boom uit de film met Johnny Depp is nagebouwd. We wachten maar niet af of de Headless Horseman (De Ruiter Zonder Hoofd) ’s nachts naar buiten komt…

In het plaatsje Hanksville stoppen we even bij een tankstation. Daarna rijden we door naar Capitol Reef, een wat onbekender nationaal park. Het bestaat eigenlijk uit twee delen – prachtige rotsen en Fruita, een dorpje met veel groen en fruitbomen. Er worden ook wandelingen georganiseerd tussen de fruitbomen door en in het juiste seizoen mogen bezoekers zelf fruit plukken.

Fruita: rotsen en groen

Omdat er in het dorpje Fruita vroeger meer mensen woonden (ook met kinderen), was er ook een school. Het schoolgebouw staat er nog steeds, maar is helaas niet geopend. Wel kun je door de ramen naar binnen kijken en de tafels zien staan met de schoolboekjes er nog op.

Het schoolgebouw van Fruita

In het schoolgebouw

Vroeger hebben er in Fruita ook Indianen gewoond, die rotstekeningen gemaakt hebben. Deze zijn nog goed te zien. Een deel van de tekeningen is helaas verloren gegaan doordat er stenen naar beneden gevallen zijn.

Rotstekeningen van Indianen van vroeger

We maken nog een laatste stop bij het Visitor Center voor we richting het hotel gaan. Voor de eerste keer laat onze navigatiesysteem ons in de steek: het adres van het hotel dat we ingeven, ligt volgens het systeem midden tussen de rotsen… Gelukkig staan er bordjes die ons naar de juiste plaats sturen en vanaf daar is het hotel te zien. Het blijkt een heel leuk hotel te zijn met huifkarren en tipi’s waar je in kunt overnachten en kampvuren midden op het veld die ’s avonds aangestoken worden. Ook is er een prachtig uitzicht op de bergen.

Het uitzicht bij het hotel

Nadat we ons even opgefrist hebben in het zwembad, gaan we op zoek naar een restaurant voor het avondeten. Het wordt het restaurant bij het hotel, omdat er verder weinig keus is. Als we weer buiten komen na een prima maaltijd is de zon onder aan het gaan, wat prachtige beelden oplevert.

Zonsondergang bij het kampvuur

We zitten lekker nog even buiten bij het kampvuur. Het zijn geen houtvuren: er ligt een gasslang onderin het kampvuur, die automatisch aan en uit gezet kan worden. Dit doet echter niets af aan de sfeer, het is heerlijk gezellig! Ook komen we lekker bij na de lange dag en kunnen we ons weer opladen voor de dag van morgen: dan gaan we naar het bekende nationale park Bryce Canyon.


Tot morgen!

Lees verder: Dag 12 (Capitol Reef --> Bryce Canyon)



vrijdag 2 september 2016

Reisverslag Noord-Amerika 2016: dag 10

Dinsdag 19 juli 2016: Moab

Vandaag hebben we geen reisdag: we blijven in Moab. We zullen echter wel een stukje rijden, want we willen een bezoek brengen aan Canyonlands.

Rond kwart voor vijf zijn we vandaag al wakker, omdat het door de airco in de kamer erg koud aanvoelt ineens. Nadat de airco uitgezet is, slapen we weer verder tot ongeveer zeven uur. We nemen snel een douche en kleden ons aan en gaan dan rond half negen ontbijten. Hierbij zijn we in één klap wakker: een kind aan een tafeltje naast ons begint ineens zo hard te huilen dat het net lijkt alsof er een sirene afgaat!

Als we bijgekomen zijn en ons ontbijt op hebben, halen we onze spullen op de kamer op en stappen we in de auto. We rijden eerst even naar de supermarkt om wat broodjes te kopen die we als lunch kunnen gebruiken. Op die manier kunnen we lang in Canyonlands blijven, aangezien het park zelf geen restaurant heeft.

Dan gaan we echt op weg. De ingang van het deel van Canyonlands dat wij willen bezoeken ligt op zo’n veertig minuten rijden vanaf het hotel. Onderweg komen we langs de ingang van Arches National Park, dat we morgen zullen bezoeken.

Na veertig minuten rijden, met daarbij een stuk flink klimmen voor de auto, komen we bij de ingang van Canyonlands. Uiteraard is onze eerste stop bij het Visitor Center, waarbij er aan de overkant meteen een prachtig uitzicht is over Canyonlands.

Het eerste uitzicht op Canyonlands

Canyonlands is eigenlijk een combinatie van verschillende parken. Sommige delen lijken op de Grand Canyon, er is een boog te vinden net als in Arches en natuurlijk zijn er bijzondere rotsen.

Een deel van het park doet denken aan de Grand Canyon

Bij het eerste uitkijkpunt zien we ook gelijk wat dieren: een chipmunk (een kleine eekhoorn) en een hagedisje.

Een chipmunk(je)


Een hagedis, één van de velen die we in het park zullen zien


We komen echter natuurlijk voor de mooie landschappen, dus stappen we de auto weer in en rijden we naar Mesa Arch. Dit is een rots die door de natuur in een boog veranderd is. Om de boog te kunnen zien, moeten we nog wel een flink stuk lopen met klimmen en dalen.

Mesa Arch (links) is nog even lopen...

Het uitzicht is het gelukkig meer dan waard. Onder de boog door kunnen we Buck Canyon, één van de vele canyons die samen Canyonlands vormen, prachtig zien.

Uitzicht op Buck Canyon onder de Arch door

Vanaf Mesa Arch lopen we terug naar de auto. We rijden verder en maken de volgende stop bij Upheaval Dome. Dit is een oude vulkaankrater, maar ook hiervoor moeten we een flink stuk lopen. Omdat we erg benieuwd zijn, beginnen we dapper aan de wandeling bergop. De afstand valt op zich mee, maar door het klimmen en de warmte is het een erg zware wandeling.

Via allerlei rotsen kom je boven

Boven op de berg hebben we echter een heel mooi uitzicht op de krater. Door de kleuren is dit ineens weer heel anders dan de rest van het park.

Uitzicht op de krater

Net als we beginnen aan de wandeling terug naar beneden, horen we in de verte gerommel van onweer. Zo snel mogelijk lopen we door, want we zijn liever niet bovenop een berg tijdens onweer! Gelukkig komen we veilig beneden, waar we andere mensen waarschuwen dat er onweer aankomt.

Je ziet de bui al aankomen...

We stappen in de veilige auto en rijden terug naar Green River Overlook. Hier zien we de rivier die door Canyonlands loopt, maar ook kunnen we de onweersbui goed zien hangen boven de canyon.

Green River Overlook met de rivier en het naderende onweer

Terwijl het in de verte al begint te regenen, rijden wij door naar Orange Cliffs Overlook waar een picknickplaats is. We besluiten straks terug te komen en daar onze broodjes op te eten. Uiteraard maken we wel eerst wat foto’s van de oranje gekleurde rotsen.

Orange Cliffs Overlook

Vanaf de Orange Cliffs rijden we eerst een stukje door naar Grand View Point Overlook, waar we heel bijzondere rotsen zien. Dit doet een klein beetje denken aan Bryce Canyon, een park dat we ook nog gaan bezoeken.

Rotsen bij Grand View Point Overlook

We zijn nog foto’s aan het maken als het begint te spetteren. Snel ruimen we de fototoestellen op en haasten we ons terug naar de auto. Nu barst de bui echt goed los. In de stromende regen rijden we terug naar het Visitor Center, waar we een sprintje trekken naar het afdakje ervoor. Hier eten we onze broodjes maar op, want van picknicken komt niks meer. In de verte zien we het regelmatig flitsen en aan de donder te horen, slaat de bliksem een paar keer ergens in.

Als we de broodjes op hebben, rennen we terug naar de auto en verlaten we Canyonlands. Onderweg wordt het langzaamaan iets droger en tegen de tijd dat we beneden zijn, is het bijna helemaal droog. We rijden via de 313 weg terug naar de 191 snelweg, waarbij we nog een nagebouwd parkje met dinosauriërs zien.

Tegen de tijd dat we terug zijn bij ons hotel in Moab, is de regen overgegaan in af en toe wat spetters. Dit schrikt ons niet af: we gaan gewoon afkoelen in het zwembad. Hoe droger het wordt, hoe meer mensen een duik durven te komen nemen. We praten nog even met een echtpaar uit Kentucky, dat ons ervan probeert te overtuigen dat we echt een keer naar hun staat moeten komen.

Na een lang en gezellig gesprek frissen we ons op de kamer even op voor we naar het centrum lopen om te eten. Voor de tweede keer kiezen we voor Zak’s, maar vanavond gaan we voor het soep/salade/pizzabuffet in plaats van voor een maaltijd van de kaart. Ook dit is meer dan prima!

We lopen terug naar het hotel, waar we nog even buiten zitten op het balkon en ons inlezen op morgen. Dan zullen we maar liefst twee parken bezoeken: Arches en Capitol Reef.


Tot morgen!

Lees verder: Dag 11 (Moab --> Capitol Reef)